Een steenmarter verjager klinkt als de perfecte oplossing als een marter schade aanricht onder de motorkap, maar de eerlijke waarheid is dat de meeste verjagers nauwelijks tot niet werken. Automonteurs die dagelijks de gevolgen van marterschade zien, bevestigen dit keer op keer: ultrasone apparaatjes, chemische middelen en andere gadgets worden regelmatig geprobeerd, maar de marter trekt zich er weinig van aan.
Waarom de meeste steenmarter verjagers niet werken
De markt staat vol met producten die beloven marterschade te voorkomen. Ultrasone verjagers, geurmiddelen op basis van roofdierenurine, stroombandjes rondom de motor en kruidenmengsels zijn populaire opties. Het probleem is dat steenmarters slimme en aanpassingsvermogen rijke dieren zijn. Ze wennen snel aan herhalende prikkels, of het nu geluid of geur is. Wat de eerste nacht misschien nog werkt, wordt na een week gewoon genegeerd.
Automonteurs die dagelijks met marterschade te maken hebben, zien alle varianten van verjagers voorbijkomen op auto’s waarbij de marter toch gewoon heeft doorgeknabbeld. Kabels, slangen en isolatiemateriaal zijn favoriete doelwitten. De schade kan oplopen tot honderden euro’s per bezoek aan de garage, en bij herhaalde schade al snel richting de duizend euro of meer.
Wat wél werkt als steenmarter verjager
De meest betrouwbare methode is een fysieke barrière. Een rooster van kippengaas dat je onder de auto legt, belet de marter om via de onderkant de motorruimte in te klimmen. Dit is geen mooi of hightech middel, maar het is het enige dat structureel effect heeft. Het gaas sluit de toegangsroute af in plaats van te proberen het dier te ontmoedigen, en dat is precies waarom het werkt.
Een tweede optie is een stroomstootsysteem rondom de auto, waarbij dunne draden een lichte schok geven als de marter er tegenaan loopt. Dit systeem bestaat en wordt door sommige autofabrikanten ook aangeboden als dealer-accessoire. Het effect is groter dan bij geluid of geur, omdat de prikkel direct en onaangenaam is. Nadeel is de installatie: het kost meer moeite en de draden moeten goed worden aangebracht zodat je er zelf niet tegenaan stapt.
Parkeren op een plek waar de marter minder snel komt, helpt ook. Een gesloten garage is de meest afdoende oplossing. Marterschade komt vrijwel altijd voor bij auto’s die buiten of in een open carport staan. Heb je de keuze, dan is een dichte garage de simpelste en goedkoopste verjager die er bestaat.
Wat je beter kunt vermijden
Ultrasone verjagers zijn de best verkochte categorie, maar ook de categorie waarover de meeste teleurstelling bestaat. Ze zijn goedkoop en makkelijk te plaatsen, maar steenmarters wennen er snel aan. Hetzelfde geldt voor geurmiddelen: na regen zijn ze al grotendeels verdwenen, en de marter die een territorium claimt, laat zich niet wegjagen door een luchtje.
Sommige mensen grijpen naar haarlokketten of vuile werklappen met mensengeur. Het idee is dat de geur van mensen de marter afschrikt. Dit kan kortdurend enig effect hebben, maar is geen duurzame oplossing. Na een paar dagen is de geur verdwenen of gewend.
Wat te doen als de marter al schade heeft aangericht
Marterschade valt in de meeste gevallen onder de cascoverzekering van je auto, niet onder de WA. Heb je alleen een WA-verzekering, dan betaal je de reparatie zelf. Controleer je polisvoorwaarden op de term “dierenschade” of “marterschade”. Bij een all-risk of uitgebreide casco is de kans groot dat de schade vergoed wordt, min het eigen risico.
Na reparatie is het slim om de kapotte kabels of slangen te laten omhullen met marterbeschermde gevlochten omhulling. Dat is een stevig materiaal dat de marter lastiger kan doorbijten. Veel garages bieden dit aan na marterschade. Het is geen garantie, maar het verhoogt de drempel wel.
Wie structureel last heeft van een marter, doet er verstandig aan te kiezen voor de combinatie van kippengaasbescherming onder de auto en, indien mogelijk, een gesloten parkeerplaats. Dat is geen spectaculaire oplossing, maar wel de meest eerlijke en effectieve aanpak die er op dit moment is.



