Mollen: alles wat je moet weten over deze ondergrondse gravers

Mollen zijn kleine, ondergronds levende zoogdieren die bijna hun hele leven in zelfgegraven tunnels doorbrengen. De gewone mol (Talpa europaea) is de enige mollensoort die in Nederland en België voorkomt. Je herkent hem aan zijn donkergrijze tot antracietkleurige vacht, zijn brede graafpoten en zijn vrijwel afwezige ogen. Ondanks zijn bescheiden formaat, hij wordt zo’n 11 tot 16 centimeter lang, is de mol een opmerkelijk efficiënte tunnelbouwer die je tuin flink kan omwoelen.

Hoe ziet een mol eruit?

De mol heeft een compact, cilindervormig lichaam dat perfect is aangepast aan een leven onder de grond. Zijn voorpoten zijn breed en naar buiten gedraaid, bijna als scheppen. Daarmee kan hij in één uur tijd wel tien meter nieuwe tunnel graven. Zijn vacht is uniek: de haren staan niet in een vaste richting, waardoor de mol zowel vooruit als achteruit door zijn gangen kan bewegen zonder dat de vacht de verkeerde kant op ligt.

De ogen van een mol zijn klein en vaak bedekt door een dun laagje huid. Hij ziet nauwelijks, maar dat is onder de grond ook niet nodig. Zijn tastzintuigen en gehoor zijn juist sterk ontwikkeld. De snuit bevat duizenden kleine zintuigorganen (Eimer-organen) waarmee hij trillingen en prikkels in de bodem oppikt.

Waar leven mollen?

Mollen leven het liefst in vochtige, losse grond met veel regenwormen. Je vindt ze in weilanden, tuinen, parken en bosranden door heel Nederland en België. Ze houden niet van keihard, droge of drassige grond, omdat ze daar moeilijker kunnen graven of geen voedsel vinden. Op klei- en zandgrond met een goede humuslaag voelen ze zich het best thuis.

Een mol beheert een uitgebreid gangenstelsel van soms honderden meters. Hij heeft vaste foerageergangetjes net onder het oppervlak en diepere verblijfsgangen voor de winter en de voortplanting. Mollshopen, de aardhoopjes die boven de grond zichtbaar zijn, zijn de uitgeworpen grond van nieuwe tunnels.

Wat eten mollen?

Mollen zijn vleeseters. Hun hoofdvoedsel bestaat uit regenwormen, maar ze eten ook insectenlarven, miljoenpoten en andere kleine bodemdieren. Ze hebben een hoge stofwisseling en moeten vrijwel continu eten. Een volwassen mol eet per dag een hoeveelheid voedsel die ruwweg overeenkomt met zijn eigen lichaamsgewicht.

Een slimme overlevingsstrategie: mollen verlammen regenwormen met een stof in hun speeksel en slaan ze levend op in een soort voorraadkamer in het gangenstelsel. Zo hebben ze altijd verse prooi binnen handbereik, ook als de bodem bevriest en er tijdelijk niets te vinden is.

Voortplanting en levensduur

Mollen paren eenmaal per jaar, in het vroege voorjaar. Na een draagtijd van ongeveer vier weken worden er drie tot zes jongen geboren. De jongen worden blind en haarloos geboren en verlaten het nest na zo’n vijf tot zes weken. Daarna gaan ze zelfstandig op zoek naar eigen territorium. Mollen worden in de natuur gemiddeld twee tot drie jaar oud. Ze leven solitair en zijn sterk territoriaal: een mol duldt geen andere mollen in zijn gangenstelsel, behalve kort tijdens de paartijd.

Mollen in de tuin: overlast of niet?

Veel tuinbezitters ergeren zich aan mollshopen in het gazon. De aardhoopjes zijn rommelig en de ondergrondse gangen kunnen de wortels van planten beschadigen. Tegelijk is de mol een beschermd dier in Nederland en België: je mag hem niet doden of vangen zonder vergunning.

Wil je mollen weren zonder ze te schaden, dan zijn er een paar praktische opties:

  • Trilpennen of -pinnen in de grond, die via trillingen mollen ontmoedigen een gebied te bezoeken.
  • Stinkende afweermiddelen op basis van knoflook of laurylsulfaat, die je in de gangen stopt.
  • Fysieke mollenrasters van fijn gaas, ingegraven tot minstens 50 centimeter diepte, om afgebakende stukken tuin te beschermen.
  • Het gebied minder aantrekkelijk maken door de bodem droger te houden of intensief te bewerken.

Geen van deze methoden werkt altijd feilloos. Mollen zijn slim en verplaatsen zich snel naar een andere plek als hun huidige territorium verstoord raakt. Verwacht dus geen permanente oplossing van welk middel dan ook.

De rol van mollen in het ecosysteem

Mollen zijn nuttig voor de bodem. Door hun graafwerk luchten ze de grond en verbeteren ze de wateropname. De tunnels zorgen voor betere drainage en beluchting, wat gunstig is voor plantengroei. Mollen houden ook populaties van bodemplagen zoals engerlingen en emelten in toom. Vanuit dat perspectief is de mol eerder een bondgenoot dan een plaagdier.

Roofvijanden van de mol zijn onder andere uilen, buizerds, marters en katten. Die laatste vangen mollen soms wel, maar eten ze zelden op vanwege de afschrikwekkende geur die de mol afscheidt.

Veelgestelde vragen over mollen

Is de mol een beschermd dier?
Ja. In Nederland valt de mol onder de Wet Natuurbescherming. Doden of vangen zonder ontheffing is niet toegestaan. In België geldt een vergelijkbare bescherming.

Waarom zie ik ineens meer mollshopen?
In het voorjaar en de herfst is de bodem vochtig en zitten regenwormen dicht aan het oppervlak. Mollen zijn dan actiever en graven meer nieuwe tunnels, wat meer zichtbare hoopjes oplevert.

Helpen mollen verjagen met schillen of kruiden?
Middelen als kattenbak-inhoud, lookbol of naftaballetjes worden veel aangeraden, maar wetenschappelijk bewijs voor de werking ontbreekt grotendeels. Ze kunnen tijdelijk effect hebben, maar mollen wennen er snel aan.

Slaapen mollen in de winter?
Nee. Mollen houden geen winterslaap. Ze worden in de winter minder actief, maar blijven het hele jaar door eten en bewegen. In strenge vorst graven ze dieper de grond in, waar de temperatuur stabieler blijft.

De mol is een fascinerende maar voor veel tuinbezitters lastige buur. Begrijp je hoe hij leeft en wat hij nodig heeft, dan kun je gerichter bepalen wat wél werkt om overlast te beperken, zonder hem onnodige schade toe te brengen. Zeker als je weet dat hij tegelijkertijd hard werkt aan een gezonde bodem.