Een steenmarter vangen doe je het best met een vangkooi, ook wel een levendvangval of steenmarter val genoemd. Dit is in Nederland de meest gebruikte en toegestane methode om een steenmarter te vangen zonder het dier te doden. Hieronder lees je hoe zo’n val werkt, waar je op moet letten bij de plaatsing en wat je daarna doet.
Wat is een steenmarter val?
Een steenmarter val is een metalen kooi met een klapdeurtje dat automatisch sluit zodra het dier het lokaas aanraakt. Het dier loopt de kooi in, pakt het aas, en de deur valt dicht. De marter zit dan levend gevangen en blijft ongedeerd. Dit type val wordt ook wel een levendvangval of vangkooi genoemd. Doodvallen zijn in Nederland voor steenmarters niet toegestaan voor particulieren.
Steenmarters wegen tussen de 1 en 2 kilo. Vrouwtjes zijn lichter en wegen maximaal 1,3 kilo, mannetjes zijn zwaarder. Houd hier rekening mee bij het kiezen van de maat van je val. Een te kleine kooi werkt niet goed, en een te grote kooi kan het dier juist argwanend maken. Een kooi van ruwweg 60 tot 80 centimeter lang werkt goed voor een volwassen steenmarter.
Waar plaats je de val?
Steenmarters volgen vaste routes. Sporen van een marter vind je vaak langs muren, schuttingen, op daken en bij kruipruimten. Zet de val precies op zo’n vaste looproute, bij voorkeur op een plek waar de marter wordt gedwongen door een smalle doorgang te gaan. Dat verhoogt de kans dat het dier de kooi als een vanzelfsprekende doorgang ziet en er zonder aarzelingen inloopt.
Dek de kooi gedeeltelijk af met een doek of takken. Steenmarters zijn schuw voor open constructies. Door de val wat te camoufleren oogt die minder dreigend en is de kans op succes groter. Zet de val stabiel neer, zodat die niet wiebelt als het dier erin loopt.
Welk lokaas gebruik je in een steenmarter val?
Steenmarters zijn alleseters. Goede lokaasopties zijn:
- Eierdooier of een heel ei
- Honing of jam
- Stukjes kip of ander vlees
- Kattenvoer (nat)
- Vruchten zoals aardbei of druif
Leg het lokaas helemaal achter in de kooi, niet halverwege. Zo moet het dier volledig de kooi inlopen voordat het het aas bereikt, wat de kans vergroot dat de deur goed dichtslaat. Vervang het lokaas elke dag als de val leeg blijft, want oud of verdroogd aas trekt marters minder aan.
Controleer de val dagelijks
Zodra je een levendvangval plaatst, ben je verplicht die elke dag te controleren. Een gevangen dier mag niet te lang in de kooi zitten zonder water, voedsel of beschutting. Dit is niet alleen een morele verantwoordelijkheid, maar ook wettelijk vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Sla je een controle over en het dier lijdt daardoor, dan kun je daarvoor aansprakelijk worden gesteld.
Bij warm weer is het zeker oppassen. Steenmarters kunnen in een afgesloten metalen kooi in de zon snel oververhit raken. Zet de val bij voorkeur in de schaduw of op een beschutte plek.
Wat doe je met een gevangen steenmarter?
Als je de marter hebt gevangen, zet je hem vrij op een locatie ver genoeg van je woning. Een afstand van minimaal 10 kilometer wordt vaak aangehouden, omdat steenmarters een groot territorium hebben en anders snel terugkomen. Kies een groene omgeving met voldoende dekking, zoals een bosrand of een gebied met struiken.
Wil je de marter niet zelf vrijlaten of twijfel je over de situatie, dan kun je contact opnemen met een lokale dierenambulance of wildopvang. Die kunnen je adviseren of het dier eventueel overnemen.
Een steenmarter val is een effectieve oplossing als een marter overlast veroorzaakt in of rond je woning. Met de juiste plaatsing, goed lokaas en dagelijkse controle vang je het dier snel en zonder schade. Zorg daarna voor een verantwoorde vrijlating op voldoende afstand, anders is de kans groot dat de marter gewoon terugkeert.



